Requiem voor een atheďst

Altijd alles tegelijkertijd
Nooit eens iets overzichtelijks
En altijd bijgedachten.

Argwaan?

Welnee, gewoon
Zoals ik ben, eeuwig alternatief
Doorkabbelen op de deining
Van mijn gedachtengolven
Die ik zelden voor mijzelf houd.

En van binnen die holle echo’s in mijn schedel;
Weerkaatsing
In een egocentrisch bestaan.

Zonder hulpmiddelen
Beweeg ik mij in deze loze vooruitgang
Gestaag dobberend

Slechts korte kreten van spirituele pijn
Klinken in mijn beseffende wereld door

Dan doe ik mijn ogen open
En kijk
Zie, adem en ruik

Een herboren wereld,
Zonder
Drank
Sigaretten
Vrouwen
En plezier

In dit 'paradijs' gedwongen
Beleef ik al het oude weer
Nu met weemoed, teleurgesteld en
Beter wetend,
En verlangend naar mijn vroegere zonden.

Korte tijd na dit dubbelleven kijkt iedereen weer even schijnheilig uit zijn ogen en gaat alles zijn gang als voorheen.

Op 7 mei, mijn verjaardag, een jaar later komen alle oude vrienden tezamen en hoewel ze meer van popmuziek houden nemen ze ook dit door mij afgedwongen Requiem voor een Atheďst even voor lief.

Terwijl ik van mijn hoge positie over hun schouders meekijk zingen zij:

Requiem penis agricola
Urinalis antiquoram
Requiem aeternam
Et Lux perpetua
Sponsoram in nomine suam

“In herinnering aan die boerenlul
Die ouwe zeikerd
Herdenken wij HEM tot in oneindigheid
Voor het eeuwige licht
Geschonken uit zijn naam.”

Een redelijk letterlijke vertaling  in en uit het “Latijn” en Nederlands , maar in pricipe als herinnering toch redelijk aanvaardbaar.

Nu ik  gedachtezwevend in mijn nieuwe dimensie verkeer
En schoffelend op mijn Elyseesche Veld onkruid bestrijd,

Loop ik sarcastisch over dit pas ingezaaide veld te denken aan al die vrienden, die ik zou kunnen overhalen met mij mee te doen.

In Paradisum