Hoe verrast kan je zijn over smaak.
Verwonderd stel ik vast, dat ik niet van orchideeën houd.
De plant, waarvan ik altijd door te voelen
Moet vaststellen of ze echt of kunst is.
Aan veel te lange stengels
Openen zich onbeschaamd
Diverse lustobjecten.
Naar binnen toe rijkelijk bespikkeld.
Zo suggestief van vorm en kleur
Dat ze je met hun oerinstinct aantrekken.
Een lichte lijflucht is inbegrepen.
Alleen zachte zuchten ontbreken.
Mijn angst is, dat wanneer ik toegeef,
Mijn dagen zal moeten slijten in symbiose.
De leverancier van de gezamenlijke lichaamssappen,
Zal weldra verdorren en tot humus vergaan;
Mij dan meeslepend in een duale non-existentie.
De schoonheid, die wij eens vormden
Zal dan geen rust meer vinden in de eeuwige jachtvelden,
Maar totaal onbewust door een volkstuinder
Geharkt worden
Tussen spruitjes en wortelen.